Park Coloma
Het park Coloma, met een oppervlakte van 15 ha, werd oorspronkelijk aangelegd volgens de Franse stijl: dreefstructuren, rechthoekige vijvers, vijverkanaal en de geometrische vormen van het park. Naderhand overheerste de Engels stijl van tuinaanleg, wat ook hier merkbaar is. Getuige hiervan is het zuidoostelijk deel van het park dat in de 18de en 19de eeuw aan de Engelse stijl werd aangepast.
In 1982 werd het park aangekocht door het Vlaams Gewest, 2 jaar later kocht de gemeente het kasteel aan.
In het Colomapark werd recent één van de mooiste rozentuinen, met vier belangrijke onderdelen, van Europa aangelegd dat te bezichtigen is van 15 mei tot 30 oktober.
Kasteel Coloma
Waarschijnlijk is het kasteel van Coloma en het bijhorende park één van de meest gekende monumenten van Sint-Pieters-Leeuw.
Het kasteel is een blijvende getuige van het grote belang dat de "Heerlijckheydt van Sinte Peeters Leeuw" had in het land van Gaasbeek. Het Colomakasteel is een typisch voorbeeld van de overgang van een versterkt kasteel uit de 15de eeuw naar het "lusthuis" of "huys van plaisantie" ofte buitenverblijf.
Het is een vierkant gebouw met vierkante hoektorens en een peervormig dak en omringd door beschermende vijvers. Maar in plaats van smalle kijkgaten werden brede vensters voorzien en aan de gevels zien wij geen verdedigingsmiddelen meer. Op oude kaarten heet het kasteel van Leeuw "Hecke" of "Necke". Deze oude benaming is waarschijnlijk afgeleid van de 16de eeuwse eigenaar "Leenaert Van den Hecke" wiens vader schepen was te Brussel en in de kerk van Leeuw werd begraven in 1599. Vanaf het begin van de 17de eeuw veranderde het kasteel verschillende malen van eigenaar, zowel door verkoop als door erving.
Karel Vital Alexander de Coloma wordt door huwelijk met barones Eugenia Roose (in 1745) eigenaar van het kasteel. Zij was een afstammelinge van Jan Karel Roose, heer van Miremont, Spy, Calsteren, ... die in 1687 het dorp Leeuw gekocht had van de heren van Gaasbeek. Sindsdien spreken wij van het "Kasteel van Coloma". Het is deze de Coloma die het kasteel verbouwt en het aanpast aan de toenmalige architecturale smaak.
Graaf Jan van der Dilft de Borghvliet erfde een generatie later het kasteel.
Het landgoed bleef vanaf dan de stamwoonst van die familie tot de dood in 1947 van gravin Antoinette, weduwe van graaf Albert de Limburg-Stirum.
Het kasteel is thans volledig gerestaureerd en fungeert als gemeentelijk cultureel centrum en ruimte voor de gemeentelijke diensten cultuur en toerisme. In het 15 ha grote kasteelpark zien wij nog een paar interessante bijgebouwen zoals het voormalig koetshuis van 1731 (nu een gezellige taverne) en een tuinpaviljoen met traptoren (eind 18de eeuw) dat thans het rozenmuseum is.

Meer weten? Contacteer de dienst Toerisme. |