Generaal Leman
Generaal Gérard Leman, bevelhebber van het Belgische Leger bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914, kreeg als opdracht het belangrijke complex van Luik en omstreken te verdedigen tegen de opmars van het Duitse leger. Reeds voor de oorlog had hij met duizenden arbeiders versterkingen aangebracht rond Luik, met het oog op een Duitse invasie, alhoewel sommige ministers daartegen waren. Zij vreesden dat de neutraliteit van België daarmee ondergraven werd, maar Leman was overtuigd dat Duitsland ons land zou binnenvallen.
Ondanks de heroïsche verdediging van de stad Luik viel de fortengordel en werd de generaal bewusteloos weggevoerd naar de gevangenis van Maagdenburg. Omwille van zijn hoge leeftijd en zwakke gezondheid werd hij later vrijgelaten en verbleef hij in Zwitserland. In 1919, een jaar voor zijn dood, werd hij door koning Albert in de adelstand verheven. Voor de oorlog had hij koning Albert I militair opgeleid.
Gérard Leman werd op 08 januari 1851 te Luik geboren. Hij stierf op 17 oktober 1920 aan een longontsteking en is te Elsene begraven.